Steunpunt Re-Creatief Vlaanderen

Het onderzoeksconsortium Steunpunt Re-Creatief Vlaanderen was een onderzoeksproject met verschillende partners (VUB, UGent, KUL, Ehsal) voor de Vlaamse Overheid. Het project liep van 2002 tot 2006 en had als kerntaak het Vlaamse Cultuurbeleid te voorzien van wetenschappelijke basisgegevens rond cultuurparticipatie. Binnen het consortium richtte SMIT zich op de vraag hoe ICT’s inspelen op de cultuurbeleving als dusdanig, maar ook of en hoe ICT’s kunnen bijdragen aan het verhogen van de culturele competentie en het verlagen van participatiedrempels. In een informatiesamenleving zal ook het culturele veld, i.e. de kunstenaars, de culturele instellingen en organisaties, alsook het (al dan niet) cultuurparticiperend publiek, o.a. door het invoeren en bredere gebruik van informatie- en communicatietechnologieën (ICT) vormgegeven worden. Het beheer en management van culturele instellingen (privé en overheidsgesubsidieerd), alsook de culturele participatie en culturele praktijken zullen m.a.w. in stijgende mate door ICT gemedieerd, gefaciliteerd en alleszins veranderd worden.
De aandacht werd in dit onderzoek zowel gericht op de aanbodszijde (en de achterliggende structuren en praktijken), op de ICT-producten als op de vraag/gebruikerszijde naar/van deze ICT-producten. Binnen het ruime culturele veld komt de nadruk te liggen op specifieke culturele instellingen (of subvelden) zoals musea, publieke omroepen en culturele centra.
Aanbodzijde
Bieden ICT mogelijkheden voor een beter beheer en management van de culturele instellingen? Zo ja, voor welke functies? Zo niet, waarom niet? Wijzigen ICT het beheer en management van bestaande culturele instellingen en organisaties? Is er, integendeel / complementair, sprake van nieuwe organisatievormen, van nieuwe virtuele instellingen? Hoe verandert m.a.w. de ‘value chain’ van de culturele praktijken? Welk gebruik wordt er binnen een aantal (Vlaamse) culturele instellingen effectief van ICT gemaakt? Dient de overheid hierop in te spelen? Zo ja, volgens welke beleidsscenario’s en op welke bevoegdheidsniveaus?
ICT-Producten
In welke mate dragen deze ICT-producten bij tot culturele participatie en empowerment? Zo ja, binnen welke condities? Zo niet, waarom niet? Welke vormen van cultuurbeleving- en participatie faciliteren ze en welke sluiten ze uit? Hoe (actief) wordt het publiek in deze producten gezien en gedefinieerd?
Gebruikerszijde
Bieden ICT mogelijkheden voor een verhoogde culturele participatie? Gebeurt virtuele culturele participatie via dezelfde breuklijnen als ‘reële’ culturele participatie, of niet? Is er sprake van bestendiging van de participatiekloof, versterking of (gedeeltelijke) opheffing? Is er sprake van een andere cultuurbeleving (substituerend, complementair, parallel), gewijzigde participatie en/of nieuwe culturele praktijken in een informatiesamenleving? Waarvoor worden ICT door de cultuurparticipant effectief ingeschakeld? Wie participeert effectief via ICT aan het culturele leven? Welke beleidsscenario’s kunnen overheid en instellingen met het oog op een verhoogde culturele participatie ontwikkelen? Op welke niveaus kan ingegrepen worden?